Eli Heimans


Jac. P. Thijsse










Documentatie      
&
Debat
  • natuurbeleving
  • natuurstudie
  • natuurbehoud
  • natuureducatie


  • Heimans en Thijsse Stichting
     
    Home | Stichting | Actueel | Dossiers | Collectie | Contact | Links
     

    > Home > Actueel > Interview met Albert Beintema

    'Die grote grazers zijn religie'
    Ornitoloog Albert Beintema rekent af met modes in natuurbescherming

    Vogelkenner Albert Beintema werd bekend door zijn boek over het waterhoentje van Tristan da Cunha. In zijn laatste boek is hij kritisch over de natuurbescherming.

    Albert Beintema woont op een rivierduin langs de IJssel in Gorssel. Op zichzelf al een prachtige plek, maar een vogelliefhebber kan zich eigenlijk niets beters wensen. De grazige uiterwaarden die in de winter onderlopen, zijn omzoomd met wuivende wilgen. Het eerste dat in zijn woonboerderij opvalt, is de telescoop op statief bij het brede raam. 'Ik zit soms uren naar buiten te turen.'
    Pas toen de ecoloog in Gorssel kwam wonen, begon hij warm te lopen voor de gans. 'Ganzen hebben mij vroeger nooit aangesproken, afgezien van hun geluid', schrijft beintema in zijn deze zomer verschenen Mijn vogels.
    'Van het geluid van overtekkende kolganzen gaat een geweldig stimulerende werking uit, vooral van de eerste groepen die in de herfst overkomen. De eerste keer dat je daar 's nachts van wakker wordt, vlieg je overeind in je bed. De ganzen zijn weer terug! Je voelt onrust door je lijf gaan, je wilt mee, op trek!'
    Dit laatste is Beintema ten voeten uit. Zijn leven is eigenlijk één grote trek, verre vluchten naar exotische oorden waar vogelonderzoek hem wacht. Of eigenlijk omgekeerd. Beintema lijkt het onderzoek te kiezen opdat hij eilanden met klinkende namen als Tristan da Cunho kan bezoeken.
    Hij noemt zich een 'educatieve drammer'. Ik mag de dingen graag uitleggen, zoals In de voetsporen van Shackleton, het boek over de Antarctica-onderzoeker.' Hij werd genomineerd voor de Kijk-Wetenschapsprijs, maar de winnaar werd Tijs Goldschmidt met Darwin's Hofvijver.
    Zijn ornithologische ontwikkeling begon in de achtertuin van zijn ouders aan het Naardermeer. Een teruggetrokken jongetje dat schetsjes maakte van vogels en opgaat in zijn eigen wereld.
    In 2000, na dertig jaar in de wereld van het natuuronderzoek, trok hij bij Alterra de deur dicht. Nu reist hij met dochter Nienke de aardbol over om de kromming van de aarde te beschrijven voor hun boek erover, dat in 2008 uitkomt.
    (...)

    U neemt nogal wat modes in de natuurwereld op de hak zoals de begrazing. Wat is daar mis mee?
    'Dat hele gedoe met de grote grazers is een soort religie. De economische motieven spelen daarbij een rol, omdat grazers nu eenmaal goedkoper zijn dan mensen die een grasmaaier moeten bedienen. Het ligt heel controversieel. Leidse biologen zijn er niet blij mee dat alle grote natuurgebieden worden begraasd. Dat leidt tot het verdwijnen van zeldzame planten. Het gaat erom dat de consequenties vooraf niet worden overzien.'

    In uw boek wijst u op inconsequenties in het natuurbeleid. Hoezo inconsequent?
    'In Waterland werd tegen de boeren gezegd dat ze van weidevogelbeheer geen kaas hadden gegeten. Het werd ze afgepakt en nu kunnen de natuurbeschermings-organisaties het ook niet aan en ontstaat er moerasbos. Het behoud van kemphaantjes in Waterland is afhankelijk van twee mensen, een van Staatsbosbeheer en een van Natuurmonumenten. Als die met pensioen gaan, is het afgelopen.'

    Over uw vroegere werkgever Alterra bent u niet uitgesproken vrolijk.
    'Bij Alterra vechten ze niet meer voor het behoud van zeldzame planten, maar voor het behoud van de boer. En voor zover het nog om echte natuur gaat, richt het onderzoek zich op natuurbeleving. Welke natuur is het leukst voor de mensen. Biologen zijn vervangen door sociologen, economen, juristen en bestuurskundigen.
    'Alterra kwam voort uit een fusie tussen twee werelden, die van de landbouw-verbeteraars en de natuurbeschermers. Ineens waren de vroegere vijanden collega's geworden. Binnen Alterra moesten we ons allemaal bezig houden met de vraag hoe houden we Nederland groen. Boerengroen of stedelijk groen, want echte natuur is er niet meer bij.'

    De natuurbeschermingsorganisaties houden zich ook niet meer aan hun kerntaak, staat in het boek.
    'Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer strijden om de gunst van het publiek. Alles moet opengesteld, hekken weg. Waren vroeger de bedreigde flora en fauna de de doelgroepen, nu is dat het grote publiek, want daar zit geld.
    'Ikzelf ben inconsequent en elitair. Ik wil het liefst alleen zijn en dat is heel dubbel. Ook al die uitlegborden, dan hoef ik al helemaal niet meer. En dan die uitkijktorens. Met uitzondering van de toren in het Fochteloërveen vind ik ze allemaal een ramp. Dat is degradatie van de natuur. Dan valt er niets meer te ontdekken.
    'Van mij mogen natuurterreinen best afgesloten worden, maar dat is not done, want dan komt er geen draagvlak voor de natuur, redeneren de beleidsmakers en de natuurbeschermingsorganisaties.'

    Het Bureau van Voskuil valt bijna in het niet vergeleken bij de sfeer die u oproept bij de oude rijksinstitututen, de voorlopers van Alterra.
    'De fusie tussen de landbouwverbeteraars van het Ltbon en het veldbiologisch onderzoek (Rivon) verliep hopeloos. De eersten hielden zich bezig met onderzoek naar afschot van edelherten om alleen dieren over te houden met mooiere troffeegeweien.
    'Jarenlang heerste er de controferse over de jacht. Over dat punt kun je niet redeneren, dat is wederzijds geloof. Van mij mag er best een beetje gejaagd worden, als het binnen de perken blijft. Maar het gaat me te ver als de jagerslobby in de laatste gebieden wil jagen, die we speciaal voor ganzen inrichten.
    'Er zit een vervelende kant aan die jacht, beesten worden schuw. Je ziet pas hoe erg het is als je op Antarctica bent. Daar moet je bij wijze van spreken de beesten opzij duwen als je erdoor wilt. Je moet omlopen om de zeeolifanten, pinguïns en albatrossen van je af te houden.'
    (...)

    Door Marieke Aarden

    Bron: De Volkskrant / Kennis / 3 november 2007

    Albert Beintema: Mijn Vogels
    Uitgeverij Atlas; 256 pag.;  €19,90
    ISBN 9789045000398


    Klik hier voor een overzicht van actuele berichten.


    Word donateur van de Heimans en Thijsse Stichting!

    Naar boven ^